Hoe werken de opstelling en het doordraaien?
De drie spelers langs het net zijn de voorspelers op positie 4, 3 en 2; de drie erachter de achterspelers op 5, 6 en 1, en de speler op positie 1 serveert. De opstelling telt op één moment: als de serveerder de bal opgooit. Dan staat elke achterspeler gelijk met of verder van het net dan zijn voorspeler, en klopt binnen elke rij de volgorde van links naar rechts. Wint het ontvangende team de rally, dan draait het eerst één plaats door met de klok mee en serveert de speler die van rechtsvoor naar rechtsachter komt.
De zes posities

Langs het net staan de voorspelers: 4 is linksvoor, 3 midvoor en 2 rechtsvoor. Daarachter staan de achterspelers: 5 linksachter, 6 midachter en 1 rechtsachter. Wie voorspeler is en wie achterspeler wisselt tijdens de set, want telkens als een team de service wint, schuift het hele team een plaats op. Dat is meer dan een formaliteit: een achterspeler mag minder dan een voorspeler, en veel fouten bij het net gaan daarover.
Het moment waarop de opstelling telt
Je controleert de opstelling op één moment: als de serveerder de bal opgooit of loslaat, dus niet pas als hij hem raakt. Dan staan alle spelers van beide teams op de eigen speelhelft, alleen de serveerder erbuiten. Het ontvangende team staat in de servicevolgorde; het serverende team mag elke positie op de eigen helft innemen. Zodra de bal is opgegooid, mag iedereen zich verplaatsen.

Twee eisen bepalen of een opstelling klopt. Elke achterspeler staat gelijk met of verder van de middenlijn dan zijn eigen voorspeler, per paar: 5 bij 4, 6 bij 3 en 1 bij 2. En binnen elke rij klopt de volgorde van links naar rechts. Je kijkt naar de voeten: een deel van een voet van de achterspeler moet verder van het net zijn dan de voorste voet van zijn voorspeler, of daarmee gelijk staan. Spelers mogen elkaar overlappen, als er maar een stukje voet aan de goede kant blijft.
Doordraaien
Wint het serverende team de rally, dan serveert dezelfde speler weer en draait het team niet door. Wint het ontvangende team, dan krijgt dat de service en draait het eerst één plaats door met de klok mee: van 2 naar 1, van 1 naar 6, van 6 naar 5, van 5 naar 4, van 4 naar 3 en van 3 naar 2. De juiste volgorde aanhouden is de verantwoordelijkheid van het team zelf.
Opstellingsfout of verkeerde serveerder
Beide fouten kosten een punt en de service, maar ze pakken anders uit. Een opstellingsfout is een fout in de ruimte: een speler staat verkeerd ten opzichte van zijn buren op het moment dat de bal wordt opgegooid. De spelers nemen de juiste posities in en de eerder behaalde punten blijven staan. Een fout bij het doordraaien is een fout in de volgorde: er serveert een andere speler dan die aan de beurt is. De teller bepaalt wanneer dat begon, en alle punten die het team sindsdien behaalde vervallen.
Het opstellingsbriefje
Vóór elke set levert de coach de beginopstelling ondertekend in bij de tweede scheidsrechter of de teller. Wie er niet op staat, is voor die set wisselspeler; de libero's vallen daarbuiten. Fluit één scheidsrechter alleen, dan is een briefje niet verplicht, maar de beginopstelling wordt wel voor elke set genoteerd. Blijkt pas later in de set dat veld en briefje niet overeenkomen, dan neemt het team de juiste opstelling in, vervallen zijn punten vanaf de fout en krijgt de tegenstander een punt en de service.
Situaties in de zaal
Wat is de juiste beslissing? Klik op een situatie voor het antwoord.
Als de serveerder de bal opgooit, staat de achterspeler op 6 met beide voeten vóór zijn voorspeler op 3.
Opstellingsfout: punt en service voor de tegenstander. De spelers nemen de juiste posities in; de eerder behaalde punten blijven staan.
Na het opgooien loopt de midvoor naar de zijkant van het veld.
Doorspelen. Zodra de bal is opgegooid, mag iedereen elke positie in het eigen speelveld innemen.
De teller ontdekt dat sinds drie rally's de verkeerde speler serveert.
Punt en service voor de tegenstander, de servicevolgorde wordt hersteld en de punten die het team sinds de fout behaalde vervallen.
Veelgestelde vragen over opstelling en doordraaien
Mag een speler op de achterlijn staan bij de service?
Ja, de lijnen horen bij het speelveld. De vrije zone mag pas nadat de serveerder de bal heeft geraakt.
Moet het serverende team ook in de servicevolgorde staan?
Nee, het serverende team mag elke positie op de eigen speelhelft innemen. Alleen het ontvangende team staat in de volgorde.
Wie fluit voor een opstellingsfout?
De tweede scheidsrechter voor het ontvangende team, de eerste voor het serverende team.
Wat als de toss is vergeten en de set al is begonnen?
Dan kan geen van beide teams er alsnog een opeisen.