VOLLEYBAL 58 — Leer en Speel

Hoe telt volleybal?

Volleybal telt met het rallypuntsysteem: bij elke rally valt een punt, ook als het serverende team zelf de fout maakt. Een set wint het team dat als eerste 25 punten haalt met minstens twee punten verschil; bij 24-24 gaat de set door tot dat verschil er is. De beslissende vijfde set gaat tot 15, ook met twee verschil. Wie drie sets wint, wint de wedstrijd. Wint het serverende team de rally, dan serveert dezelfde speler weer; wint het ontvangende team, dan krijgt het de service en draait het door.

Drie manieren om te scoren

Een team behaalt een punt als het de bal in het speelveld van de tegenstander op de grond speelt, als de tegenstander een fout maakt, of als de tegenstander een bestraffing krijgt. Een rally die in een dubbelfout eindigt, of die door een blessure of een storing van buitenaf wordt onderbroken, levert geen punt op en wordt overgespeeld.

Fouten en dubbelfouten

Wat je zietWat de scheidsrechter doet
Twee of meer fouten kort na elkaar, door hetzelfde of door beide teamsalleen de eerste fout wordt bestraft: punt voor de tegenstander
Twee tegenstanders maken op hetzelfde moment een foutdubbelfout: de rally wordt overgespeeld, niemand krijgt een punt

Bij een dubbelfout blijft de stand staan en serveert hetzelfde team opnieuw. Een fout wordt bestraft direct nadat hij is gemaakt; is er al voor de volgende rally gefloten, dan komt de scheidsrechter er niet meer op terug. Een verkeerd of helemaal niet genoteerd punt mag later in de set nog worden hersteld.

Een set en een wedstrijd

Een set gaat tot 25 punten met minstens twee punten verschil: 26-24, 27-25, en zo verder, zonder bovengrens. De beslissende vijfde set gaat tot 15 punten, ook met twee verschil, en wordt alleen gespeeld bij 2-2 in sets. Wordt er om twee gewonnen sets gespeeld, dan is de derde set de beslissende en gaat ook die tot 15.

De pauze en het wisselen van speelhelft

Tussen twee sets zit een pauze van drie minuten, gerekend van fluitsignaal tot fluitsignaal; zodra beide teams speelklaar staan mag het korter. Na elke set wisselen de teams van speelhelft. Voor de beslissende set is er een nieuwe toss, waarbij het thuisspelende team eerst kiest, en in die set wordt nog één keer gewisseld: zodra het leidende team 8 punten heeft, zonder oponthoud en met de opstelling precies zoals hij was.

Let op wie dat achtste punt maakt. Maakt het team dat de laatste service ontving het achtste punt, dan draait dat team eerst een plaats door en serveert het pas daarna, na het wisselen. Is er op het juiste moment niet gewisseld, dan gebeurt dat alsnog zodra iemand het merkt, en de stand blijft staan.

In gebreke gesteld of onvolledig

Weigert een team te spelen, of is het zonder geldige reden tien minuten na de aanvangstijd niet bij het veld, dan wordt het in gebreke gesteld: het verliest met 0-3 en elke set wordt genoteerd als 0-25. Een team dat door een blessure of een straf voor de rest van de set onvolledig is, verliest die set: de tegenstander krijgt er zoveel punten bij als hij nodig heeft om te winnen, en het onvolledige team behoudt wat het al had. Zijn er in de volgende set weer zes spelers, dan wordt die gewoon gespeeld.

Situaties in de zaal

Wat is de juiste beslissing? Klik op een situatie voor het antwoord.

Het staat 24-24. Hoe ver gaat de set?

Tot er twee punten verschil is: 26-24, 27-25, en zo verder. Er is geen bovengrens.

Twee tegenstanders maken op hetzelfde moment een fout.

Dubbelfout: de rally wordt overgespeeld, niemand krijgt een punt en hetzelfde team serveert opnieuw.

In de vijfde set komt het ontvangende team op 8 punten.

De teams wisselen zonder oponthoud van speelhelft. Het team dat het achtste punt maakte, draait eerst een plaats door en serveert dan.

Veelgestelde vragen over punten en sets

Kan een set 30-28 eindigen?

Ja. Na 24-24 gaat de set door tot er twee punten verschil is, zonder bovengrens.

Wie serveert na een dubbelfout?

Hetzelfde team, met dezelfde speler; de stand blijft staan.

Hoe lang duurt de pauze tussen twee sets?

Drie minuten, van fluitsignaal tot fluitsignaal, en korter zodra beide teams speelklaar staan.

Mag een team met vijf spelers doorspelen na een blessure?

In de tweede klasse en lager en bij de jeugd onder de Hoofdklasse wel; positie 6 blijft dan leeg. Daarboven is het team onvolledig.

Wil je meer dan alleen deze regel kennen?

Lees de stand op het wedstrijdformulier zonder nadenken. Deze regel geeft antwoord op één situatie. Met de complete cursus begrijp je hoe spelregels, spelsituaties en beslissingen samenhangen. Zo sta je met meer zekerheid langs het veld of op de stoel, en voorkom je onnodige discussie.

De cursus, vanaf € 14,99 per speler

Bekijk de pakketten

Tien sporten, dezelfde aanpak

Klik op een sport voor de spelregels, de techniek en de tactiek van dat spel.